Home

Kopfzentrum Bielefeld

Behandeling van slaapapneu/snurken

Mond-Kaak-Aangezicht

Snurken en obstructieve slaapapneu zijn niet hetzelfde. Welke behandeling geschikt is, hangt af van de bevindingen en van de plaats waar de bovenste luchtwegen tijdens de slaap vernauwd raken.

Schematische kleurentekening na UVPP zonder huig, met gereconstrueerde gehemeltebogen

Klachten en nader onderzoek

Snurken kan de nachtrust verstoren. Herhaalde ademstops tijdens de slaap kunnen wijzen op slaapapneu. Mogelijke gevolgen zijn slaperigheid overdag, microslaap en concentratieproblemen. Onbehandelde obstructieve slaapapneu kan het risico op hart- en vaatziekten verhogen.

Het slaapgeneeskundige onderzoek stelt vast of er sprake is van slaapapneu. De beoordeling van de luchtwegen helpt vervolgens bij de keuze van een geschikte behandeling.

Chirurgie aan de gehemelteboog

Doel van de ingreep

Bij daarvoor geschikte bevindingen kunnen ingrepen aan het zachte gehemelte en de gehemeltebogen worden overwogen. Door het weefsel te hervormen, te verplaatsen of te stabiliseren, wordt beoogd de vernauwing in de keel te verminderen. Welke techniek geschikt is, hangt af van de individuele anatomie.

Individuele keuze

Een ingreep aan de gehemelteboog is niet geschikt voor elke vorm van snurken of slaapapneu. De tekening toont schematisch een mogelijke situatie na een uvulopalatofaryngoplastiek (UVPP). Het precieze resultaat hangt af van de gekozen operatietechniek en de individuele anatomie.

Andere behandelmogelijkheden

Voorwaartse verplaatsing van de kaak

De op de bestaande website van de kliniek beschreven operatieve voorwaartse verplaatsing van de kaken is een andere procedure dan chirurgie aan de gehemelteboog. Hierbij worden de boven- en onderkaak opnieuw gepositioneerd om de bovenste luchtwegen te verruimen. De complexe ingreep vereist een individuele, interdisciplinaire planning.

Tongpacemaker

Bij obstructieve slaapapneu kan in individuele gevallen een tongpacemaker (hypoglossusstimulatie) in aanmerking komen. Een pulsgenerator wordt onder het sleutelbeen onder de huid geïmplanteerd en via een elektrodedraad met de nervus hypoglossus verbonden. Tijdens de slaap stimuleert het systeem de zenuw, zodat de tongspieren de luchtwegen openhouden. De patiënt schakelt het systeem met een afstandsbediening in en uit.

Of een dergelijke therapie geschikt is, hangt af van de bevindingen, de oorzaak van de vernauwing en de individuele omstandigheden. De geschiktheid wordt tijdens het slaapgeneeskundige onderzoek beoordeeld.

Niet-operatieve therapie

Afhankelijk van de bevindingen komen ook overdruktherapie met een CPAP-masker of een geschikte mandibulair repositieapparaat (MRA) in aanmerking. Of een operatie zinvol is en hoe deze in de behandeling past, wordt na het onderzoek besproken.

Gekleurde medische tekening van een tongpacemaker bij een slapende patiënt